Banner afbeelding Toegelaten desinfectiemiddelen

Desinfectie

Toegelaten desinfectiemiddelen

Bij werkzaamheden met biologische agentia, waaronder ggo’s, is desinfecteren een essentieel onderdeel van de procedures en veelal wettelijk vastgelegd. Desinfectiemiddelen zoals chlooroplossingen, quats en ethanol zijn niet meer weg te denken uit onze onderzoekslaboratoria.

Dergelijke desinfectiemiddelen moeten in Nederland toegelaten zijn door het College voor toelating van gewasbestrijdingsmiddelen en biociden (Ctgb) binnen productgroep PT 2 (desinfecterende middelen voor privé-gebruik en voor de openbare gezondheidszorg en andere biociden) en mogen alleen worden toegepast voor de in het WGGA (Wettelijk gebruiksvoorschrift en gebruiksaanwijzing) beschreven micro-organismen, toepassing en toelatingsgebied (zie toelichting hieronder). Onderzoeksdierverblijven voor dieren in kleine kooien (muizen/ratten) mogen worden geschaard onder de onderzoekslaboratoria. Dierverblijven voor vee horen hier niet bij; hiervoor moet gezocht worden naar desinfectiemiddelen toegelaten voor de juiste toepassing en het juiste toepassingsgebied binnen productgroep PT 3 (biociden voor veterinaire hygiënedoeleinden).

Let op: Een desinfectiemiddel mag alleen worden toegepast voor de in het WGGA beschreven (groepen van) micro-organismen, toepassing en in het beschreven toepassingsgebied.

(Groepen van) micro-organismen: In het WGGA staat aangegeven tegen welk micro-organisme het desinfectiemiddel gebruikt mag worden. De leverancier van een desinfectiemiddel heeft bij de aanvraag tot toelating bepaald tegen welke micro-organismen het middel moet worden toegelaten. Heeft hij bv. geen toelating voor virussen aangevraagd en staan virussen dus niet in het WGGA, dan mag het middel als desinfectiemiddel niet tegen virussen gebruikt worden, ook al is het middel in de literatuur bewezen effectief tegen virussen.

Toepassing: Een desinfectiemiddel mag bv. gebruikt worden voor oppervlaktedesinfectie of ruimtedesinfectie. Veel specifieke toepassingen, bv. vernevelen in een sluiscompartiment, zijn niet toegelaten (= niet aangevraagd voor toelating door de leverancier van het desinfectiemiddel). Dit leidt tot het niet kunnen voldoen aan de wettelijk opgelegde desinfectieplicht. Het BVF Platform zoekt momenteel in contact met de overheid naar een mogelijkheid dit probleem generiek aan te pakken.

Toepassingsgebied: Onderzoekslaboratoria, waar gericht wordt gewerkt met biologische agentia, worden in het WGGA beschreven onder de termen ‘ruimten bestemd voor het verblijf van mensen’, ‘laboratoria’, ‘onderzoekslaboratoria’. Als bij deze termen is gevoegd ‘…in de gezondheidszorg’ dan mag heb middel alleen worden toegepast in voornoemde ruimten in ziekenhuizen, tandartsenpraktijken, gezondheidscentra, enz. Is er sprake van de toevoeging van ‘…openbare gezondheidszorg’ dan mag het middel alleen gebruikt worden in laboratoria in gebouwen die openbaar toegankelijk zijn, zoals een ziekenhuis. In beide laatste gevallen mag het middel niet gebruikt worden in niet aan de (openbare) gezondheidszorg gerelateerde laboratoria.

De inspecteurs van ILT (Inspectie Leefomgeving en Transport) van het Ministerie van IenW (Infrastructuur en Watermanagement) gaan handhaven op wettelijk toegelaten desinfectiemiddelen in laboratoria en dierverblijven. Het is daarom van belang te werken met een desinfectiemiddel dat is toegelaten voor het betreffende micro-organisme, de betreffende toepassing en op het betreffende toepassingsgebied.
Mochten er vragen of andere onduidelijkheden zijn over het toepassingsgebied, dan kunt u contact opnemen met de Commissie Desinfectie.